Nieuwsbrief Adviesraden

Ξ Uitgelicht

SER – Advies 'Nationale klimaataanpak voor regionale industriële koplopers'

De Nederlandse industrie moet de komende jaren versneld innoveren, inspelen op de toekomstkansen en de kans krijgen zich zo te ontwikkelen tot de wereldtop in de energietransitie. Dat biedt de beste garantie voor voldoende werkgelegenheid én voor het realiseren van de ambities die het kabinet heeft voor een CO2-arme en circulaire economie. Dit staat in het advies ‘Nationale klimaataanpak voor regionale industriële koplopers’ dat de Sociaal-Economische Raad (SER) op 21 juni 2019 heeft vastgesteld. Het advies vormt een reactie op een adviesaanvraag van het kabinet over een verstandige heffing van 13 juni jongsleden.

Vier pijlers

De SER adviseert in dit rapport een goede mix van maatregelen waarmee de realisatie van de klimaatdoelen kan samengaan met gunstige werkgelegenheidseffecten. De kosten van de transitie moeten daarbij eerlijk worden verdeeld. Het advies bestaat uit vier pijlers: versterking van de regionale aanpak; versterking van het arbeidsmarkt- en scholingsbeleid; bevorderen van innovatie en investeringen in nieuwe technologieën; en beprijzen van vermijdbare CO2-uitstoot om vernieuwing te versnellen.

Vijf regionale energie-intensieve clusters

Het samenhangende beleid krijgt vooral vorm in de vijf regionale energie-intensieve industriële clusters die ons land heeft, te weten: Rotterdam/Moerdijk, Zeeland (Terneuzen en omstreken), Noordzeekanaalgebied, Noord-Nederland en regio Geleen (Chemelot). In deze clusters bevinden zich de twaalf grote energie-intensieve bedrijven, die samen verantwoordelijk zijn voor driekwart van de industriële CO2-uitstoot in Nederland. Deze ‘grote twaalf’ hebben een spilfunctie in de hele regionale keten van bedrijven. Zij moeten de transitie vaart geven.

Verstandige CO2-heffing als prikkel om te vernieuwen

Om de industrie te stimuleren de CO2-doelen zo ambitieus mogelijk te realiseren adviseert de SER een verstandige invulling van een nationale CO2-heffing. Deze heffing kan qua systematiek zoveel mogelijk aansluiten bij het Europese emissiehandelssysteem (ETS). De vormgeving van de heffing moet voor de SER te allen tijde voldoen aan de duurzaamheidsdoelen. Maar ook weglek van productie, verlies van werkgelegenheid en afname van investeringsbereidheid moeten worden voorkomen, bijvoorbeeld door onnodig investeringsruimte weg te nemen. Er moet rekening worden gehouden met de lange doorlooptijden van investeringen in de industrie om heffing over nog onvermijdbare uitstoot te voorkomen. Door over het vermijdbare deel te heffen, worden bedrijven geprikkeld om te innoveren en nieuwe investeringen te doen om het vermijdbare verbruik terug te dringen. De SER heeft met deze voorgestelde vormgeving de bezwaren en risico’s weg willen nemen die naar voren kwamen bij heffingen op onvermijdbare uitstoot en het voorgestelde bonus-/malussysteem.

Arbeidsmarkt mee-ontwikkelen

Voor een succesvolle industriële transformatie is het van belang dat de arbeidsmarkt profiteert van de industriële ontwikkelingen. Scholing moet aansluiten bij de nieuwe ontwikkelingen in de regionale industriële clusters. Regionale samenwerking is nodig om te zorgen dat mensen die hun baan kwijtraken door de transitie, terecht kunnen op de plekken waar nieuw werk ontstaat.

Meer informatie

Terug naar overzicht

Nieuwsbrief Adviesraden