Nieuwsbrief Adviesraden

Ξ Nieuws

AIV – Kabinetsreactie op advies ‘Fundamentele rechten in het Koninkrijk: eenheid in bescherming door verdragen’

In zijn advies ‘Fundamentele rechten in het Koninkrijk: eenheid in bescherming door verdragen’ (juli 2018) stelde de Adviesraad voor Internationale Vraagstukken (AIV) dat binnen het Koninkrijk der Nederlanden een tweedeling in mensenrechten dreigt te ontstaan. Mensenrechtenverdragen die door het Koninkrijk zijn ondertekend, zijn vaak alleen in (Europees) Nederland van kracht. In zijn reactie van 4 april 2019 op dit advies onderstreept de Rijksministerraad dat het de voorkeur heeft dat mensenrechtenverdragen gelden binnen het gehele Koninkrijk. De mensenrechtennormen in deze verdragen zijn fundamenteel en veelal universeel van aard. Waar mogelijk zijn deze binnen het Koninkrijk daarom gelijk. Tegelijkertijd is voor de aanpassing van de bestaande praktijk naar de mening van de Rijksministerraad staatsrechtelijk weinig ruimte. Hoewel het Koninkrijk verdragen aangaat, zijn het de landen die in hoofdzaak zorgen voor de uitvoering ervan. Daarnaast hebben de Caribische landen ook een eigen verantwoordelijkheid waar het de mensenrechten betreft.

De Rijksministerraad meent verder dat de samenwerking tussen de landen om uitvoeringswetgeving tot stand te brengen, kan worden verbeterd. Een door Nederland opgesteld implementatieplan kan als voorbeeld dienen voor de andere landen, met name wanneer zo’n plan apart voor Caribisch Nederland wordt opgesteld. Op dit moment is dat geen vaste praktijk. De Rijksministerraad onderzoekt de mogelijkheid van periodiek ambtelijk overleg over de stand van zaken rond implementatieplannen. In de Memorie van Toelichting op de begroting Koninkrijksrelaties worden de Staten-Generaal voortaan jaarlijks geïnformeerd over de voortgang van de uitvoering van de implementatieplannen.

Ten aanzien van Caribisch Nederland wil het kabinet een andere koers gaan varen. Een mensenrechtenverdrag dient zowel binnen Europees als Caribisch Nederland gelding te verkrijgen en zo mogelijk gelijktijdig te worden geratificeerd. Daarbij wordt ruimte gelaten voor differentiatie in de uitvoering op basis van lokale omstandigheden. Het kabinet benadrukt dat de grondrechten van de inwoners van Caribisch Nederland moeten zijn geborgd, maar meent dat dit niet op exact dezelfde wijze hoeft te geschieden als in Europees Nederland.

Meer informatie

Terug naar overzicht

Nieuwsbrief Adviesraden