Nieuwsbrief Adviesraden

Ξ Gastcolumn

Michael van Praag, voorzitter NLsportraad

De Nederlandse Sportraad: het nieuwste adviescollege voor de Rijksoverheid

De meesten van jullie kennen mij waarschijnlijk uit de voetbalwereld: als voorzitter van de KNVB, als bestuurslid van de UEFA of – verder terug – als voorzitter van Ajax. Sinds juni 2016 heb ik een andere nevenfunctie waar ik maar wat trots op ben: voorzitter van het nieuwste adviescollege voor de Rijksoverheid, de Nederlandse Sportraad (NLsportraad). Op het moment van uitbrengen van deze nieuwsbrief bestaan we ongeveer twee jaar, die voor een groot deel in het teken hebben gestaan van de kennismaking met ‘het Haagse’ en de voorbereiding van adviestrajecten. De NLsportraad is een adviesraad op het gebied van sport in de meest brede zin van het woord. Wij hebben overduidelijk een andere samenstelling dan andere raden. Deze samenstelling weerspiegelt onze aanpak: de manier waarop wij adviseren, is evidence en practice based, maar zal soms ook onconventieel zijn.

De afgelopen twee jaar heeft met name in het teken gestaan van het kennismaken en introduceren van de NLsportraad binnen Den Haag. Zo ben ik bij alle woordvoerders sport van de politieke partijen van de Tweede Kamer op bezoek geweest en heb ik ook de ambtelijke leiding van de diverse departementen gesproken. Daarnaast heb ik met veel plezier kennis gemaakt met andere adviesraden, met planbureaus en kennisinstellingen. Een van de meest interessante bevindingen uit deze interdepartementale gespreksronde is dat sport raakvlakken heeft met alle beleidsterreinen binnen de Rijksoverheid. Dat varieert van internationale handelsmissies, waar bekende (top)sporters worden ingezet om Nederland te promoten, tot het ministerie van Defensie, waar de vitaliteit van de werknemers cruciaal is. Deze bevindingen hebben wij opgeschreven in ons startadvies over het sportakkoord, dat we op 19 maart hebben aangeboden aan minister Bruins van VWS. In de ogen van de NLsportraad zorgt het sportakkoord ervoor dat de maatschappelijke rol van sport optimaal wordt benut. De NLsportraad adviseert bij de jeugd te beginnen, de samenwerking tussen ministeries te structureren en het bedrijfsleven bij de sport te betrekken. In de ogen van de NLsportraad worden de sportsector en het sportbeleid verregaand versterkt door een ‘stip op de horizon’ te zetten. 

Wat mij als ‘groenzoeter’ binnen Den Haag vooral benieuwt, is hoe kabinet en parlement aan dit advies – en de overige adviezen die wij hebben uitgebracht of gaan uitbrengen – navolging zullen geven. Tijdens mijn kennismakingsronde heb ik van andere adviesraden meerdere malen gehoord dat het vooral de kunst is om adviezen uitgevoerd te krijgen. In het geval van het sportakkoord hebben we bij aanvang van het traject al bij minister Bruins van Medische Zorg en Sport aan tafel gezeten om onze rol te bepalen en hebben we besloten om een start- en eindadvies uit te brengen. Vervolgens zijn we als toehoorder aanwezig geweest bij ronde tafels en bijeenkomsten georganiseerd door het ministerie van VWS. Op die manier konden we een startadvies uitbrengen dat nauw aansloot bij de beleidsvorming. Tot mijn vreugde heeft het ministerie van VWS na ontvangst van het startadvies het initiatief genomen om een interdepartementale bijeenkomst te organiseren. Daarbij ben ik als gastspreker aanwezig. Ik weet niet of dit gebruikelijk is, maar ik ben blij met de wijze waarop het ministerie en de NLsportraad elkaar tegemoet treden. Intussen blijf ik ervoor waken dat we ons kritisch-onafhankelijk opstellen en een goed onafhankelijk eindadvies kunnen uitbrengen. Wordt vervolgd!

Terug naar overzicht

Nieuwsbrief Adviesraden